Opgraving Tolbrugpoort 1979

Archeologie
1300 tot 1550
Br 79 79 01 Br 79 79 01

De opgegraven poorttoren tegenover de "Trapkes" met op de rug gezien amateur-archeoloog Leo Moelands

Tijdens een waarneming van de Archeologische Werkgroep Breda werd op 6 oktober 1979 een deel van de noordelijke poortwang van de Tolbrugpoort blootgelegd. Tussen deze toren en de toren, die bewaard is gebleven in de kelder van het pand "de Trapkes", werd tevens een zware verbindingmuur en een aantal jongere brugaanzetten aangetroffen.

Br 79 79 topo low
Br 79 79 1824 low
Het archeologisch onderzoek op de huidige topografie en op het kadastraal minuutplan 1824. In grijs het omliggende archeologisch onderzoek

De Tolbrugpoort is in het midden van de 16e eeuw niet meteen gesloopt hoewel deze bij de stadsuitleg in die periode overbodig werd. Er hebben zelfs nog uitgebreide verbouwingen plaatsgevonden.
De aanleg van de stadsmuur en de Tolbrugpoort zal in midden van de 14e eeuw hebben plaatsgevonden. Voordat deze muur en poort zijn aangelegd heeft de stad vermoedelijk een onverdedigde waterzijde gehad. De noordelijke poortwang werd doorsneden door een recent riool en een gasleiding tot op een diepe van ca. 3 meter onder het maaiveld. Overigens lijkt de poortwang niet rond te zijn, maar hoefijzervormig. De poortwang lijkt aan de doorgangszijde aan te sluiten op een oost-west lopende muur: de funderingen van het poorthuis. Het baksteenformaat 20 x 9/10 x 4 cm.) van het poorthuis aan, dat een deel van het complex in de 16de eeuw inderdaad is vernieuwd.

Br 79 79 02
Br 79 79 03
Links de complete archeologische werkgroep met dhr. IJsseling van het stadsarchief en Gerard van Herpen van de Stem. Rechts een stapel Doornikse kalkstenen tegen de ingang van de poort aan de stadszijde. Deze dienden als bescherming van de poortdoorgang

Op de noordelijke torenfundering werden de funderingen van een huisje zichtbaar. Aan de oostzijde, in het profiel werd achter de poortwang een constructie waargenomen met Doornikse steen. Het zal hier om een stootsteen gaan die de poortingang beschermde. Gelijk aan de westzijde van de verbindingsmuur tussen de twee poortwangen werden twee zware muren aangetroffen, die als een bruggenhoofd geïnterpreteerd zijn . Het oudste bruggenhoofd tegen de verbindingsmuur aan en een jonger zeer breed bruggenhoofd gelijk aan de westzijde van het oude bruggenhoofd. Het jongste bruggenhoofd lijkt precies op lijn te liggen met de situatie die op het kadastraal minuutplan van 1824 is terug te vinden.

Verder naar het westen zijn recentere brugresten aangetroffen. Op ca. 1.80 m. onder het maaiveld werd een versnijding in de fundering van de poortwang (aan de waterzijde) waargenomen die werd gemarkeerd door een hardstenen rand. De buitendiameter van de toren is ca. 7 meter. Het baksteenformaat van de noordelijke poortwang bedraagt 26/27 x12 x 5,5 cm

Deel dit artikel

Nieuwsbrief

Ook interessant

Idee icoon

Mis je iets? Informatie onjuist? Ideeën?

Mail je reactie
Erfgoedweb is een initiatief van
gemeente Breda
chevron-up Scroll naar boven