14 maart 2014

Verloren vermogen

Tijdens het archeologisch onderzoek bij de Trambrug (nu de Koning Willem-Alexanderbrug) zijn in totaal 1703 vondsten verzameld. Tussen deze grote hoeveelheid keramiekscherven, bouwmateriaal, natuursteen en glas, zaten tien munten, gevonden met een metaaldetector. Deze munten zijn van koper en dateren uit de achttiende, negentiende en twintigste eeuw. Zo zijn er onder andere twee centimes uit 1833, een halve cent uit 1853 en een cent uit 1965 gevonden.

Het oudste muntje dat werd gevonden bij de Trambrug dateert uit 1745. Het is een koperen oord uit het prinsbisdom Luik. Het prinsbisdom Luik besloeg een gebied van Weert in het noorden tot Bouillon in het zuiden. Op de voorzijde van de oord is het wapenschild van Beieren-Palts te zien, geplaatst op een degen en kromstaf die elkaar kruisen. Rondom staan letters die in het Latijn de afkorting vormen voor Johan-Theodoor, bij Gods gratie hertog van Beieren. Johan-Theodoor werd in 1744 prins-bisschop van Luik. Op de keerzijde van de munt is te zien dat deze munt niet lang daarna geslagen is nl. in 1745. Op de keerzijde zijn ook vijf wapenschilden te zien, namelijk die van de geannexeerde graafschappen en hertogdommen Bouillon, Franchimont, Horn(e), Loon en Luik. Rondom leest men in Latijnse afkortingen het vervolg van het omschrift op de voorzijde: bisschop en prins van Luik, hertog van Bouillon, markies van Franchimont, graaf van Loon en Horne. De koperen oord is n van de meest voorkomende munten uit het prinsbisdom Luik.

BR-360-13%201%20oord_1745.jpg
Oord uit het prinsbisdom Luik.

Links de voorzijde, rechts de keerzijde van de munt uit 1745.

BR-360-13JohannTheodor.jpg
Johan-Theodoor van Beieren.

Deel dit bericht

Nieuwsbrief