Wijngaert / Witte Wijngaert, brouwerij van 1687 tot 1718

Veemarktstraat – Pondboek 238 – Kadastraal nummer B537

Het pand aan de Veemarktstraat komt in 1684 in eigendom van een huisbrouwer. Het pand heeft al zeker vanaf 1523 de naam Wijngaard, soms ook wel Witte Wijngaard. Achter het pand is sprake van een nieuwe schuur. De koper heeft gebruiksrecht op een waterput die in een gang tussen enkele buurpanden staat. In 1687 is er sprake van een huisbrouwerij.
Vanaf 1704 is er sprake van een mouterij en ook een brandewijnstokerij. Een mouterij produceert mout op basis van granen, door het in water te weken waardoor het graan ontkiemt, en het daarna te drogen. Dit proces heet mouten. Mout wordt nog steeds gebruikt bij de productie van bier, jenever, whisky en een aantal voedingsmiddelen.
De laatste vermelding van de huisbrouwerij en mouterij is terug te vinden in een akte uit 1718. Hierna lijken de brouwactiviteiten gestaakt.

10-2-1684

Aert Jan Fiers, stadsmetselaar, verkoopt aan Adriaen van der Avoirt huis en erve met het plein en nieuwe schuur daar achter staande en het hof daar achteraan liggende, met de vrije gang daar oostwaards naast liggende genaamd den Wijngaert, gestaan aan de zuidzijde van de Gasthuijsstrate.

Met het gebruiksrecht tot de put en gang lopende tussen de huijsiingen van Ansselmus van der Noot en Cornelis vander Linden

9-12-1687

De erfgenamen van Adriaen vander Avoirt, huisbrouwer, verkopen aan Johannis vander Avoirt, coopman, een huijs, nieuwe huijsbrouwerije en erve en het hof daar achter liggende, met de vrije gang daar oostwaards aan liggende, genaamd van ouds den Witten Wijngaert, gestaan op de zuidzijde van de Gasthuijsstraete.

De koop is inclusief het gebruiksrecht van de put en gang lopende tussen de huijsinge van Anselmus van der Noor en Cornelis van der Linden

6-12-1687

Johan van den Avoirt zet als onderpand zijn onlangs gekochte huijsinge, brouwerije en erve genaamd den Wijngaert op de zuidzijde van de Gasthuijsstraete naast het huis en erve van Otto de Meijer oost en de huijsinge ende erve van Johan Riethoven west, achter zuidwaards kjomende aan de oude stads vesten

6-3-1704

De erfgenamen van Johannes van der Avoirt, huisbrouwer en brandewijnstooker, en Elisabeth Servies, verkopen aan Nicolaes Ramack, brandewijnstoocker, en Pitronella van Son, eene huijsinge, huijsbrouwerije, mouterije en brandewijnstoockerije, pleijne, hovinge en erve, met de vrije gang daar oost naast en nog met een uitgang achter uitkomende op de stads oude vesten, genaamd den Witten Wijngaert, gestaan aan de zuidzijde van de Gasthuijstraete omtrend de veemarkt, naast het huijs en erve van Sijmon Dielissen van Eijndt oost en de huijsinge en erve van de erfgenamen van Johan van Riethoven, het militairen hospitaele en de huijsinge en erve van Maria Schuermans, meesteresse van het begijnhof, op de westzijde, achter zuidwaards of zuidoostwaards met het hof tot aan de weg lopende naast de stads oude vesten.

De koper heeft ook gebruiksrecht van de put en gang lopende tussen de huisinge genaamd de Bel van Johannes Huijll en de huijsinge en erve genaamd den Rooden Osch van Steven Vertholen. En verder mag de koper uit de put van het huis daar oost naast van Sijmon Dielissen van Eijndt, brandewijnstoocker, met een buis daar in te hangen en een pomp daarop te stellen, om gerieff van water daardoor te kunnen bekomen, mogen trekken.

5-7-1704

Niclaes Ramack, brandewijnstoker, verbindt zijn huisinge en erve genaamd den Wijngaert gestaan aan de zuidzijde van de Gasthuisstraat omtrent de Veemarkt

14-10-1716

Niclaes Ramack, brandewijnstoker, verhuurt voor 12 jaar aan Willem Montens, glasmaker, zijn huijzinge, huijsbrouwerije, stookerije, hoff en erve genaamd den Witten WIjngaert, staande op de zuidzijde van de Gasthuijsstraete, waar de verhuurder tegenwoordig nog in woont. Tevens wordt de zijdwooninge daar westwaards aan verhuud en ook de twee achterwoningen

14-4-1718

Niclaes Ramack en Pittronella van Sonn stellen als onderpand hun huijsinge, huijsbrouwerije, mouterije en brandewijnstoockerije, pleijne, hof en erve, gestaan aan de zuidzijde van de Gasthuisstraat, naast de huijsinge en erve van Andries van der Ven west en de huijsinge en erve van de weduwe van Dirck van Waes oostwe

14-12-1718

Nicklaes Ramack en Pittronella van Son verkopen aan Leonard Waelwijck, ontvangen van de hondersten penning etc., en Johanna Vertolen een huijsinge, huijsbrouweije, mouterije, pleijne, hovinge en erve, met de vrije gang daar oostwaards naast liggende, met nog een uitgang achter dit huis uitkomende op de stads oude vesten, genaamd den Witten Wijngaert, gestaan aan de zuidzijde van de Gasthuisstraat omtrent de veemarkt, naast het huijs ende erve van de weduew van Dirck van Waes oost en de huijsinge ende erve van Andries van der Ven, het militaire hospitaele en de huijsinge en erve van Maria Schuermans, meesteresse van het begijnhof, te samen op de westzijde, achter te weten zuidwaards of zuidoostwaards komende met de hof tot aan de weg naast de oude vesten.

Bij de koop is inbegrepen het gebruik van een put en gang tussen dit huis en de huisjinge en erve genaamd de Meeremin van Andries van der Ven en het huis en erf genaamd den Rooden Osch van Steven Vertolen, meester schoenmaecker.

De koper mag uit de put van het huis daar oostwaards naast gestaan en toebehorende aan de weduwe van Dirck van Waes met een buijse daer in te hangen en een pompe daer op te stellen om gerieft van waeter daer door te connen becoomen mogen trecken

29-1-1720

Leonard van Waelwijck, coopman, verkoopt aan Johan Theodorus Wierts, ontvanger van de contributiën etc., en Catarina Aldegonda Fullenius, een huijsinge, pleijne, hovinge en erve, met een vrije ganck daar oostwaards naast liggende, met nog een uitganck agter dese huijsinge uitkomende op de stads oude vesten, genaamd de Witten Wijngaert

Idee icoon

Mis je iets? Informatie onjuist? Ideeën?

Mail je reactie
Erfgoedweb is een initiatief van
gemeente Breda
chevron-up Scroll naar boven