Molenijzer, brouwerij van 1522 tot 1569
Nieuwstraat 61 – Pondboek 643 - Kadastraal nummer A898
Het voormalige pand Nieuwstraat is een deel van groter pand, wat in 1522 in drie delen is gesplitst. Bij dit deel van het pand behoorde in 1522 een brouwhuis. Dit perceel grensde in het zuiden aan de vaart, waarmee de Mosselkreek werd bedoeld. Deze ligging was gunstig voor de aanvoer van grondstoffen en de afvoer van producten. Bovendien was daarmee altijd voldoende water beschikbaar voor het brouwproces.
In 1569 heeft dit deel van het pand de naam het Molenijzer. In dat jaar wordt het verhuurd inclusief bijbehoren brouwhuis. Hierna wordt er geen vermelding meer gemaakt van brouwactiviteiten.
27-11-1522 |
De erfgenamen van Lambrecht Ruijseners hebben een huijsinghe ende erfenisse tot Breda inde Nijeustrate bij de steenbrugstrate geerft, die zij gestelt hebben in drien cavelen ende parceelen. Aert Lambrecht Ruijseners en Barbare zijn zuster zijn tesamen half ende half gedeelt opte uterste huijsinge ende erffenisse, beginnede dair de voirs. middelste huijsinge ende erfenisse eijndt nemen, te weten op het woonhuijs comende aende vaert opt brouhuijs
metter poorten ende ganck dair neven ende opte gebruijck boeven-buijten den zuijdenmuer vanden cleijn huijsken voirs. |
30-8-1524 |
Aert Lambrecht Ruijseners heeft vercoft Goderden Peters, verwer van Dordrecht, de rechte helftscheijdinge vande huijsinge, brouhuijse ende erffenisse, gestaen inden Nijewstraite bijde Steenbrugstrate, neven Kathelijn ende Peteren Lambrecht Ruijseners dochteren huijsinge ende erffenisse op d’een zijnde ende de vaert aldaer op d’ander zijde, streckende achterwairt aen Cornelis Boghe erve. Item nog de rechter helftscheijdinge van een hof ende erve over de vaert voirs. gelegen neven der voirs. Kathelijn ende Petere hof ende erve op d’een zijde ende deselve vaert op d’ander zijde. Welcke vercofte helft inder huijsinge, brouhuijs, hof ende erve voirs. gemeijn ende ongedeelt gestaen is mette wederhelftscheijdinge inder huijsinge, brouhuijs, hof ende erve voirs. toebehoirende Barbaren Lambrecht Ruijseners dochter der voris. Godert Peters z. huijsfrou. |
11-3-1569 |
Gherit Jan Gherits van der Strepen heeft gehuurd van Gielisen Peter IJsacx thuijs ende erve genaemt t’Molenijser, gestaen inde Steenbrugstrate omtrent de Steenbrugge, eenen termijn van vijer jaeren lang |