Achter Emer (Haagse Beemden)

Gebieden
1400 tot heden
  • De Achter Emer gezien vanuit het zuiden, met op de achtergrond hoeve Alkmaar (beeldcollectie Stadsarchief Breda)  

De Achter Emer is eigenlijk het laatste restant van de Emerweg. Deze kilometers lange weg begon in de dorpskern van Princenhage en liep via de huidige, nog bestaande Zuilenstraat naar het noorden door het huidige Westerpark, langs het NAC-stadion en door het industriegebied Emer, om tenslotte te eindigen in de huidige Achter Emer. Vanaf de jaren zestig van de twintigste eeuw werd het ene na het andere stukje van de Emerweg afgeknabbeld voor industrieterreinen en nieuwe woonwijken. De spoorwegovergang werd opgeheven en de kruisingen met autowegen werden versperd, een langdurig en sluipend proces. Kees Brans schreef een mooi boek over de oude Emerweg. Karel Leenders benaderde het proces nog eens vanuit de wetenschappelijke hoek.

Gehuchtstraat en kerkweg

De historisch-geograaf Karel Leenders duidt in zijn cultuurhistorische landschapsinventarisatie de Achter Emer aan als een gehuchtstraat en kerkweg. Een gehuchtstraat is de verbinding tussen boerderijen die samen een gehucht vormen. Een kerkweg leidt vanuit de uithoeken van de parochie naar de kerk, zegt hij.
De toponymist Christ Buiks vond de Emerweg vermeld als "daer men vaert en gaet van Buersteden ter Emeren waert" in 1510, als den Eemerschenwech in 1563, als de Nemersche straet in 1634 en de Emersche strate in 1645. In de legger van openbare wegen van Princenhage (een registratie van wegen) van 1878 heet de huidige Achter Emer de Weg van den Emmer naar het IJzer Hek.

De Emer

Buiks vond de Emer voor het eerst vermeld in 1415 als ten Ameren waert en in 1424 als opden Eemer. Hij verklaart de naam Emer als nat land op de oever van een beek of werf langs een rivier dan wel kaai. Het gebied lag tegen de Mark. Er meerden wel eens schepen af, vooral met lading voor Gageldonk. Soms komt men ook tegen dat er lading getransporteerd moet worden naar de Emer, bijvoorbeeld eikenbomen uit het Liesbos. Het toponiem Emer komt verspreid in de Baronie voor en ligt altijd aan een water.

Achter Emer

In 1949 besloot de gemeenteraad van Beek (N.B.) de nummering per wijk in de gehele gemeente te vervangen door een nummering per straat. Toen pas werd de straatnaam Achter Emer vastgesteld. Het is eigenlijk een streeknaam. Op 1 juli 1951 werden de nieuwe plaatsnaam en gemeentenaam Prinsenbeek, de nieuwe straatnamen en de nieuwe huisnummers in één keer ingevoerd.

Literatuur

Chr. Buiks, Veldnamen in de voormalige gemeente Princenhage (nog uit te geven).
Kees Brans, Emerweg en omgeving (Breda, 2009).
Stichting werkgroep Haagse Beemden, Voorlopige atlas van de toponiemen in de Haagse Beemden Oost (Breda, 1977).
K.A.H.W. Leenders, Cultuurhistorische landschapsinventarisatie gemeente Breda (Breda, 2006). ErfgoedRapport Breda, nummer 1.
K.A.H.W. Leenders, De Emerweg, in Engelbrecht van Nassau, jaargang 2008, nummer 2.
Gerard Otten, De straten van Breda (Breda, 1988).

Ook interessant

opgraving Achter Emer 2006
In de nabijheid van de Asterdplas in de Haagse Beemden werden ...
Archeologie
Waarneming kasteel de Emer 1968 en 1974
Bij het graven van funderingssleuven voor een aantal bedrijfshallen ...
Archeologie
IJzerhekpad (Haagse Beemden)
Het IJzerhekpad is het fietspad tussen de Emerparklaan en de Achter Em...
Gebieden
Straatnamen Haagse Beemden
In de eerste woonbuurt van de Haagse Beemden kregen de straten in 1977...
Gebieden
Schapenpad en Lammerenpad (Haagse Beemden)
Het Schapenpad begint aan het Moerenpad en gaat dan met een ...
Gebieden
Haagse Beemden
In 1976 werd het gedeelte van de gemeente Prinsenbeek ten oosten van d...
Gebieden

Locatie

Deel dit artikel

Facebook Twitter

Nieuwsbrief